Er is inmiddels geen project meer waarin ik niet met AI werk. Dat is in korte tijd zo gegroeid, en het heeft mijn werk wezenlijk veranderd: niet alleen hoe snel een ontwerp op tafel ligt, maar ook hoe ik onderzoek doe en hoe ik over een ontwerpprobleem nadenk. Hieronder lees je wat ik gebruik, wat het oplevert en waar mijn eigen rol ligt.
Mijn vaste gereedschap is Claude, van Anthropic. Ik gebruik het in vrijwel elke fase van een project:
Wat eruit komt, hangt sterk af van wat je erin stopt. Kennis van de organisatie, de gebruiker en de vraag maakt het verschil tussen bruikbare output en iets dat er alleen goed uitziet. En dat is precies waar mijn vak begint.
Over de hele linie is mijn productiecyclus naar eigen inschatting enkele tientallen procenten korter geworden. Die winst zit niet op één plek. Een uitgewerkt UI-ontwerp vanuit wireframes kost geen weken meer maar dagen. Prototypes liggen eerder klaar, dus testen we eerder met echte gebruikers. En onderzoek is sneller voorbereid, waardoor er meer tijd overblijft voor de gesprekken zelf.
Het belangrijkste gevolg is dat we eerder iets concreets aan tafel hebben. Daardoor gaat het gesprek sneller over wat ertoe doet: klopt dit voor de gebruiker, past het bij de organisatie, waar zitten de spanningen?
Voor je budget betekent het dat er minder uren naar uitvoering gaan. Die ruimte kun je gebruiken voor verfijning, voor het uitwerken van meerdere richtingen, of je bent simpelweg minder kwijt voor hetzelfde resultaat. Voor een MKB-bedrijf of een non-profit met een fondsbudget is dat vaak het verschil tussen iets dat nét niet af is en iets dat goed is.
Ik ben geen promptengineer geworden. Ik ben nog steeds de UX designer die bepaalt wat een goed ontwerp is. Wel ben ik meer een kritisch eindredacteur geworden: ik beoordeel wat de tool produceert, stuur bij waar nodig, verwerp wat niet klopt en werk uit wat veelbelovend is.
Dat oordeel is nodig, want AI maakt fouten en brengt ze met dezelfde stelligheid als goede antwoorden. Het kent jouw gebruikers niet, weet niet wat er intern speelt en heeft geen gevoel voor wat in jouw situatie past. Die context breng ik mee.
De tijd die vrijkomt, gaat naar de vragen die er echt toe doen. Klopt deze keuze voor de gebruiker? Past dit bij hoe de organisatie wil overkomen? Die vragen kregen in een traditioneel ontwerpproces vaak minder aandacht dan ze verdienen. Nu krijgen ze die wel.
MKB-bedrijven, non-profits en startups die kritisch en toekomstgericht zijn. En die willen dat hun digitale product ook echt werkt voor de mensen die het gebruiken.
Verder praten?
Wil je weten wat dit voor jouw project betekent?
Het onderscheid is cruciaal. AI versnelt de uitvoering: het omzetten van structuur naar visueel ontwerp, het samenvatten van bestaand merkmateriaal, het genereren van eerste uitwerkingen. Wat ik zelf doe: bepalen wat goed is. Ik beoordeel elke output, stuur bij, verwerp wat niet klopt en breng de context mee die de tool niet heeft — kennis van jouw organisatie, jouw gebruiker, jouw markt.
Ja. Omdat de uitvoering minder uren kost, daalt de prijs voor hetzelfde resultaat. Of je houdt budget over voor meer uitgewerkte richtingen, meer verfijning en sneller resultaat. Wat niet daalt is de kwaliteit, omdat de tijdwinst niet ten koste gaat van het oordeel maar juist meer ruimte geeft aan de vragen die ertoe doen.
Je kunt inderdaad zelf iets genereren — net zoals je zelf je huis kunt verbouwen. Het verschil zit niet in de toegang tot de tool, maar in het oordeel over wat de output waard is. Weten wanneer iets klopt voor de gebruiker, wanneer het past bij het merk, en wanneer je opnieuw moet beginnen — dat is waar 26 jaar ervaring het verschil maakt.
De tool die mijn werkwijze het meest heeft veranderd is Claude Design van Anthropic. Daarnaast zet ik AI assistenten in bij het analyseren van gebruikersgedrag, het scherpen van microcopy en het toetsen van ontwerpkeuzes aan UX-richtlijnen. Welke tool ik inzet hangt af van de fase van het project en wat het vraagt.
Ik deel geen vertrouwelijke of privacygevoelige gegevens met AI-systemen. Wat ik inbreng is merkmateriaal, ontwerpbestanden en algemene projectcontext — nooit klantdata, persoonsgegevens of bedrijfsinformatie die niet bedoeld is voor externe verwerking.